Skip Ribbon Commands
Skip to main content

Nieuws

Amsterdam

OSCAR-benchmark voor servicekosten van Jones Lang LaSalle laat zien dat slimmer, duurzamer en efficiënter beheer van kantoorgebouwen loont

• Gemiddelde servicekosten gedaald met 2,1% naar € 32,76 per m² vvo.  • Afstemming van het serviceniveau op de gebruikerswensen biedt mogelijkheden voor besparing.  • Transparantie servicekosten vergroot door groei van de benchmark tot 356 objecten en sta


Uit de OSCAR-benchmark (Office Service Charge Analysis Report) voor servicekosten van Nederlandse kantoorgebouwen van Jones Lang LaSalle blijkt dat de gemiddelde servicekosten in 2011 met 2,1% zijn gedaald ten opzichte van 2010, naar € 32,76 per vierkante meter verhuurbaar vloeroppervlak (vvo) per jaar. De daling van 2,1% in 2011 en die van 5,0% in 2010 zijn onder andere te verklaren doordat de servicekosten de afgelopen jaren zijn gedaald als gevolg van de lagere elektraprijzen en lagere prijzen voor beveiliging. Daarnaast is de daling van de kosten toe te schrijven aan slimmer en efficiënter beheer door bijvoorbeeld aanpassing van het serviceniveau in gebouwen. Meer aandacht voor kostenbesparing en efficiency hebben gezorgd voor stabilisering van de servicekosten over de afgelopen vier jaar. In de OSCAR-benchmark worden veertien servicekostencomponenten nader onderzocht. Het aandeel verwarming en elektra vertegenwoordigt, net als vorig jaar, 47% van de totale servicekosten. In de benchmark is ook gekeken hoe gebouwkenmerken, zoals hoogte, bouwjaar, gebouwgrootte, single- of multi-tenant en energielabel, de servicekosten beïnvloeden.

Jac Bressers, Director Management Services van Jones Lang LaSalle: “Als het gaat om servicekosten is de grootste winst te behalen door het terugdringen van de energiekosten. Daarnaast loont het om servicecomponenten beter af te stemmen op wensen van gebruikers. Met name de servicekosten die in de benchmark veel spreiding laten zien, bieden vaak mogelijkheden voor besparing. Het is de moeite waard om samen met de huurder/gebruiker te bekijken wat écht belangrijk is, op welke servicecomponenten eventueel kan worden bespaard en welke maatregelen daarvoor nodig zijn. Samen breng je zo de servicekosten op het gewenste niveau.”

Verduurzaming loont
Uit de OSCAR blijkt dat gebouwen met een energielabel van een hoge categorie duidelijk lagere verwarmingskosten hebben dan gebouwen met een label van een lagere categorie. Dit in tegenstelling tot de resultaten van de benchmark van 2012. Het elektraverbruik van kantoorgebouwen met een A- tot en met C-label ligt nog niet heel veel lager dan dat van kantoorgebouwen met een D- tot en met G-label. Dit laat zien dat op elektraverbruik nog veel bespaard kan worden. Enerzijds kan dit door een betere afstemming van het serviceniveau op de wensen van de gebruikers van het gebouw. Anderzijds is er volgens de vastgoedmanagers veel winst te behalen met het afsluiten van een greenlease. Dit is een huurovereenkomst gericht op duurzaamheid waarin eigenaren, gebruikers én vastgoedmanagers prestatieafspraken vastleggen zodat duurzaam gebruik van een gebouw wordt gewaarborgd.

Jac Bressers zegt over de voordelen van verduurzaming: “In het rapport beschrijven we drie voorbeelden van gebouwen waarbij de eigenaar aan de slag is gegaan met het verbeteren van het energielabel. In alle gevallen leverde dit aanzienlijke besparingen op. We hebben onder meer het Japanse Nisshinbo Holdings geholpen met het aanpassen van hun gebouw aan de Apollolaan in Amsterdam. Het gebouw is van een
G- naar een A-label gegaan door de aanleg van een warmte-koudeopslag (WKO), de plaatsing van een warmte-terugwininstallatie en de vervanging van verlichting. In plaats van continu ingeschakelde TL-verlichting is er aanwezigheidsdetectie en ingebouwde daglichtcompensatie. Resultaat is een daling van het elektriciteitsverbruik met 15%.”

Transparantie verder verbeterd
De OSCAR-benchmark is voor organisaties dé manier om servicekosten te vergelijken. De afgelopen jaren is het onderzoek uitgegroeid tot een robuuste benchmark die de transparantie op het gebied van servicekosten aanzienlijk vergroot voor zowel huurders als verhuurders. De OSCAR 2013 bestaat uit 356 objecten (272 objecten in 2012) en 2,5 miljoen m² vvo. Dit vertegenwoordigt vijf procent van de totale Nederlandse kantorenvastgoedmarkt. De gegevens voor de benchmark zijn aangeleverd door CBRE Global Investors NL en Bouwfonds REIM en door vastgoedmanagers Grontmij Vastgoedmanagement, MVGM, WPM Groep en Jones Lang LaSalle. De OSCAR-benchmark gebruikt voor de servicekosten gestandaardiseerde rubrieken zoals vastgesteld op initiatief van NeVaP, IVBN, Vastgoed Belang en VGM NL.

Michael Hesp, Head of Research van Jones Lang LaSalle en verantwoordelijk voor de OSCAR: “Het is onze ambitie de transparantie van de servicekosten nog verder te vergroten. Daarom nodigen we partijen nadrukkelijk uit hun gegevens ter beschikking te stellen voor de OSCAR-benchmark. Als alle vastgoedpartijen bovendien de standaard codering voor servicekosten gaan gebruiken, is dit een enorme stap voorwaarts. Het is een basis die noodzakelijk is om deze benchmark in de toekomst eenvoudig te laten groeien, te beheren en de vergelijkbaarheid te vergroten.”
– einde bericht    –
NOOT VOOR DE REDACTIE
De Office Service Charge Analysis Report (OSCAR) is hier te downloaden in PDF.
Bekijk hier voor de OSCAR 2013 Infographic.
Over de OSCAR 2013
Met de OSCAR (Office Service Charge Analysis Report) biedt Jones Lang LaSalle een servicekostenbenchmark die inzicht geeft in de opbouw en ontwikkeling van de diverse servicekosten-onderdelen van kantoorgebouwen. Het doel van de benchmark is servicekosten transparanter te maken zodat marktpartijen uitgedaagd worden het beheer van vastgoed slimmer, efficiënter, goedkoper en vooral ook duurzamer te maken. De gegevens voor de benchmark zijn aangeleverd door CBRE Global Investors NL en Bouwfonds REIM en door vastgoedmanagers Grontmij Vastgoedmanagement, MVGM, WPM Groep en Jones Lang LaSalle.