Skip Ribbon Commands
Skip to main content

Nieuws

Amsterdam

Situatie op Europese kantorenmarkt zeer uiteenlopend

Herstel van Europese kantorenmarkt houdt aan, maar met een wisselend tempo, aldus Jones Lang LaSalle


Amsterdam, 15 augustus 2013 - In zijn laatste European Office Property Clock over het tweede kwartaal van 2013 meldt Jones Lang LaSalle dat de huren binnen het topsegment van de kantorenmarkten in Europa zich in het algemeen steeds verder herstellen.

De European Prime Office Rental Index steeg met 0,2% over het hele kwartaal, maar ligt daarmee wel 0,7% lager ten opzichte van een jaar geleden. Jones Lang LaSalle verwacht voor de rest van dit jaar slechts een matige huurgroei. De totaalcijfers verbloemen echter het afwisselende beeld van de hele regio: de markten zijn verdeeld over alle vier de kwadranten van de Office Clock, waaruit de uiteenlopende economische situatie in de regio blijkt.

• In de loop van het kwartaal liet de tophuur in Dublin een aanhoudend herstel zien; na een historisch dieptepunt bedroeg de stijging 9,4%;
• Van huurdalingen was sprake in steden als Lyon (-5,3%), Boedapest (-2,5%), Eindhoven (-2,4%); Warschau (-2,0%) en Barcelona (-1,4%);
• Prijzen voor topsegment kantoorruimte in Londen bleven zowel in West End als in de City gelijk met respectievelijk £1.049/€1.225 en £614 pond/€716 per vierkante meter verhuurbaar vloeroppervlak per jaar. Toch blijven de groeiverwachtingen voor het topsegment hoog.
• De tophuur in Amsterdam, de grootste markt van Nederland, bleef eveneens stabiel.

Het aanbod blijft beperkt: de oplevering van nieuwe kantoorruimte nam gedurende het kwartaal verder af (-11%) en bereikte daarmee het laagste peil in tien jaar. Met een oplevering van slechts 720.000 m2 vvo in het tweede kwartaal van 2013 bleven de volumes 50% onder het vijfjarig gemiddelde voor het tweede kwartaal. In het eerste halfjaar werd in heel Europa 1,5 miljoen m2 kantoorruimte opgeleverd. Binnen de grootste vijf kantorensteden van Nederland werd gedurende het tweede kwartaal 42.000 m² kantoorruimte opgeleverd. Samen met het eerste kwartaal bedraagt de realisatie van nieuwe kantoorruimte over de eerste helft van 2013 circa 70.000 m², dat is ruim 35% lager dan over de eerste helft van 2012.

 
Aan de vraagzijde was er voor kantoren in Europa in het tweede kwartaal sprake van een lichte verbetering (+5%), maar dat is altijd nog een daling ten opzichte van het tweede kwartaal van 2012 (-3%) en ook onder het vijfjarig gemiddelde (-5%). Van een toename van huurdersactiviteit was sprake in zowel West- als Midden- en Oost-Europa (respectievelijk met +5% en +7%).
 
In Duitsland bleef de activiteit gezond in alle markten uit de index, behalve in Hamburg, waar de kwartaalcijfers daalden. De kantorenmarkt in Londen bleef stabiel, als gevolg van een grote vraag in de City, terwijl ook in Stockholm sprake was van een gezonde activiteit. Toch werden de volumes in West-Europa in hoge mate beïnvloed door het lage opnamevolume in Parijs, waar de volumes in het tweede kwartaal 4% onder een toch al matig eerste kwartaal bleven. Binnen de Nederlandse kantorenmarkt was er sprake van een verbetering aan de vraagzijde in het tweede kwartaal op kwartaalbasis (+25%) en in vergelijking met het tweede kwartaal van 2012 (+15%). Echter, het matige eerste kwartaal zorgde uiteindelijk voor een daling van de activiteit over het eerste halfjaar van 2013 ten opzicht van dezelfde periode vorig jaar (-7%).
 
In het algemeen blijft de huurdersactiviteit last houden van aanhoudende onzekerheid over zowel de economische vooruitzichten op de kortere termijn als over de zwakke arbeidsmarkt. Huurders blijven scherp letten op de huisvestingskosten en nemen de mogelijkheden die hun contract biedt voortdurend onder de loep.
 
Michael Hesp, Head of Research Nederland bij Jones Lang LaSalle: “Ondanks dat de nieuwste macro-economische cijfers van het CPB een neerwaarts effect zullen hebben op de marktdynamiek zijn er  aanwijzingen dat huurders van de gelegenheid gebruikmaken om te verhuizen, als blijkt dat ze daarmee de efficiency van de plattegrond en de werkplekproductiviteit en/of locatie duidelijk kunnen verbeteren. Toch hangt de activiteit af van de bereidheid en de mogelijkheid van de huurder om dat in de huidige onzekere omstandigheden aan te pakken en te bekostigen..”